In dit blog ga ik terug in de tijd en bevinden we ons in december 2017 in Nicaragua. Een reis waarbij ik alleen op pad ging met het openbaar vervoer, overnachtte in basic hostels en onderweg leuke reizigers ontmoette met wie ik steeds een paar dagen verder optrok. Nicaragua is een land dat mijn hart gestolen heeft!
Mijn blog van destijds begint dan ook als volgt: “Nicaragua is echt fantastisch, super mooi, lieve mensen en zo rustig. Het is een ontzettend veelzijdig land met oceanen, vulkanen, meren, groene natuurgebieden, strand en weet ik wat al nog meer. Je kan hier ontspannen, maar ook echt hele avontuurlijke dingen doen die je verder nergens ter wereld doet of kan doen. De locals zijn echt lief, altijd in voor een praatje, behulpzaam en heel geïnteresseerd. De taxichauffeurs zijn echt een ander verhaal, die lichten je echt op waar je zelf bij staat. Dat is toch wel de cultuur ben ik bang. Het eten bestaat voornamelijk uit rijst met bonen, dat gecombineerd met taco’s of burrito’s. Voor het ontbijt eet ik opvallend genoeg elke ochtend in de hostels pannenkoeken. Ik kan echt niet wachten tot ik weer mag sporten om eerlijk te zijn.”
Ik begon mijn reis in Nicaragua in de stad Granada. Een relatief kleine stad, koloniaal, kleurrijk, met mooie gebouwen, veel leuke eettentjes en barretjes en veel vriendelijke mensen. Nicaragua kent een landschap vol met actieve vulkanen. Zo bezocht ik tijdens een avondexcursie de Masaya-vulkaan. Je ziet hier vanaf de krater echt de lava borrelen. Zoiets had ik destijds echt nog nooit gezien.
Met de ‘chickenbus’, waarbij je letterlijk tussen de kippen zit, ging ik verder naar Isa Ometepe. Een chickenbus stopt werkelijk op elke meter en als je denkt dat de bus vol is, heb je het echt mis. Er kunnen nog zo ontzettend veel mensen bij. Ometepe is een eiland dat bestaat eigenlijk uit twee grote vulkanen. Een vulkaan zoals je hem normaal zou tekenen en een iets lagere vulkaan met een enorm kratermeer waar je in kan zwemmen. Isla Ometepe ligt in Lake Nicaragua, een enorm groot meer. Op het eiland is ontzettend veel te zien en te doen. Van kajakken door de mangrove tot het eiland verkennen per fiets en quad. Elke avond probeerden we op een andere plek de schitterende zonsondergangen mee te maken. Ze zijn echt spectaculair hier en veel locaties hebben boomhutten gebouwd of een dakterras, zodat je vanaf hoogte uitzicht hebt over het eiland, de vulkanen en natuurlijk de zon. Biertje in de hand en gewoon genieten van dit natuurverschijnsel.” Tot de dag van vandaag denk ik nog terug aan de prachtige zonsondergangen in Nicaragua, wauw!
Een ander hoogtepunt was voor mij een canyoningtour door de Somoto Canyon. Tijdens de tour gingen we door de canyon wandelen, klimmen en klauteren over rotsen, in het water springen en stukken zwemmen. De canyon was echt prachtig, toornde hoog boven je uit en al drijvend op je rug (fijn zo’n zwemvest) kon je echt goed rondkijken en genieten.”
Mijn volgende stop was León. Mensen vergelijken León en Granada en adviseren zelfs om een van de twee over te slaan. Niet doen! Je moet ze echt allebei bezoeken. Het is wat drukker en levendiger dan Granada. De stad kent rustigere straatjes, maar ook verschillende drukke markten waar echt vanalles en nog wat te verkrijgen is. Winkels kent Nicaragua, zoals vaak in Latijns Amerika, niet en dus is alles op straat verkrijgbaar. Van kinderspeelgoed tot sokken en van stereo’s tot aan (motor)fietsen. Het is een komen en gaan van mensen en het eten in de kraampjes op straat is voortreffelijk! León ligt te midden van een hoop vulkanen, waarvan de ene nog actiever is dan de andere. Een aantal roken echt zo enorm dat ik bijna naar het evacuatieplan zou vragen.
Vanuit León boekte ik een hike met overnachting op de camping naast de krater van de actieve Telica vulkaan. Het was echt snik en snikheet (tegen de 40 graden) en volle bak zon. De hike was niet echt bijzonder. Het uitzicht vanaf de camping en de ervaring rondom de krater absoluut wel! We kampeerden echt naast de krater, waar we de komende uren nog een paar keer naar toe liepen. Zo gingen we de krater bekijken toen het nog licht was (dan zie je echt niets dan rook in de krater, maar heb je wel een prachtig 360-graden uitzicht), we bekeken de zonsondergang vanaf de krater, liepen terug naar de krater toen het donker was en bewonderden de zonsopkomst bij de krater. Toen het donker was, zagen we door de rook niet heel erg veel van de lava. Naarmate we langer wachten was er steeds meer lava zichtbaar. Niet zoveel als bij de Masaya-vulkaan, maar genoeg om onder de indruk te zijn. Waar we nog meer van onder de indruk waren, was het enorme geluid dat uit de krater kwam. Het leek wel alsof je op de startbaan stond van een enorm druk vliegveld, wat een enorm kabaal kwam er uit dat gat zeg! We konden hier echt tijdenlang naar luisteren en bleven maar onder de indruk. Een hele bijzondere ervaring deze trekking!
Een andere hoogtepunt qua activiteiten in Nicaragua was voor mij het ‘volcano-boarden’. We moesten eerst een behoorlijk eind de vulkaan opklimmen, wat best zwaar was omdat je het enorm houten board achter op je rug had zitten. Tijdens de klim waren de uitzichten echt fantastisch. Tijd voor uitzichtfoto’s en voelen hoe warm de aarde was. Als je een stukje gesteente bij je oor hield, hoorde je het gewoon knetteren. We moesten een knalgeel overall aan, handschoenen aan, een duikbril op en een bandana voorbinden. Tijd om echt naar beneden te boarden! De instructies waren duidelijk: naar beneden door het lavagruis en niet remmen onderweg. Het record was 91 km per uur, dat heb ik zeker niet gehaald! Het lavagruis zat inmiddels echt overal en dagenlang heb ik nog stof uit mijn haren, oren en neus gehaald.
In verplaatste naar de kust, waar ik hele bijzondere reizigers ontmoette. We spraken af voor ontbijt, lunch en diner en tussentijds zaten we op het strand te kaarten, bier te drinken en trotseerden we de enorme golven gesurft werd. Elke avond rond zonsondergang legde iedereen zijn spullen neer, werden er blikjes bier gehaald en genoten volop van de zonsondergang vanaf het strand voordat we weer verder gingen met kletsen. Dat was zo’n ontzettend bijzondere ervaring om samen te delen.
Het einde van mijn reis bracht ik een aantal nachten door in een eco-lodge met een beschermingsprogramma voor schildpadden. Een bioloog in de lodge houdt alles nauwkeurig bij en had al gezegd dat er een dezer dagen iets zou gaan gebeuren. Die avond was het zover, een deel van de eieren was uitgekomen en dat resulteerde in 53 minuscule babyschildpadjes. Het leven van een schildpad is heel zwaar: nog voor je geboren wordt, laten je ouders je al in de steek en moet je hopen dat je als ei niet doorverkocht wordt op een illegale markt. Zodra je uit het ei komt, moet je binnen een paar uur rennen voor je leven op het strand richting een bundel licht en voor je het weet wordt je, zonder ook maar enige zwemles, opgeslokt door de grote golven van de oceaan om vervolgens zo snel mogelijk te zwemmen en een veilige plek te vinden voor de vogels je opeten. We lieten de kleintjes rennen op het strand, ze schoten echt alle kanten op! Terwijl wij de kleintjes te water lieten, had een andere moeder haar eieren op het strand begraven. We haalden ruim 105 eieren uit het nest. Die liggen allemaal bewaakt in de grond tussen de andere eieren (keurig op datum gesorteerd) en over een dag of 45 zouden deze schilpadjes ook de zee in gelaten geworden. Een bijzonder einde van dit prachtige avontuur door Nicaragua.
